Stalkerschans

Topografische kaart uit 1877 met de donker groen ingekleurde Stalkerschans.

Klik hier voor de ligging op Google Maps

De Stalkerschans wordt het eerst vermeld in 1602. Zij is dus waarschijnlijk opgericht in de 16de eeuw. Zij besloeg een oppervlakte van 1 ha. 23 a. De visvijver rondom werd gevoed door de Stalkerbeek (Bezoensbeek) en door sprinken. In het oosten en zuiden lagen moerassige gronden. Het eiland was 43 a. groot en ingedeeld in 24 parken. Tot dezelfde herdgang of heerwagen behoorden, behalve Stalken met 9 huizen, ook Broek met 6, Besmer met 5 en Roelen met 4 Huizen, dus samen juist 24 gezinnen. Het is nochtans waarschijnlijk dat niet alle families er een schuilplaats hadden, zodat er nog vrije delen waren. De ophaalbrug bevond zich aan de kant van Stalken.

Uit: Schansen in Limburg

De Stalkerschans is niet publiek toegankelijk.

Zie ook:
Stalkerschans in de vallei van de Bezoensbeek – Inventaris Vlaanderen is erfgoed
Gossu-tijdingen 1978 jrg 15 nr 1 p 7 – Schansen te Zutendaal – Clement Put
Stoppels 1982 jrg 1 nr 1 p 3 – Stalker Schans – 16de eeuws geschiedkundig pareltje – Gerard Weytjens
Stoppels 2007 jrg 23 nr 4 p  31 – Uit de oude doos Stalkerschans – Frans Beckers
De Rode Leeuw 2016 jrg 47 p 33 – De Dalerschans van Zutendaal – bezit van de familie Maenen sedert 1721 – Jean Maenen

Schans in de Daal

Detail van kaart van C.Lowis met weergave van de eigendommen van de abdij van Averbode in Zutendaal. Links de kerk, midden de dubbel omgrachte pastorie en rechts de schans in de Daal.

Klik hier voor de ligging op Google Maps

De Schans in de Daal werd gegraven in 1641 en behoorde tot de heerwagen van Daal-Dorp-Sprinkele-Gewaai om zich te beschermen tegen voorbijtrekkende legers. In 2013 werd ze in de oorspronkelijke vorm hersteld. Bij het begeleidend archeologisch onderzoek kwamen resten van de 17de eeuwse ophaalbrug aan het licht.

Uit: Schansen in Limburg

Zie ook:
Opening Dalerschans – TV Limburg BE

Wiemesmeer en Papendaal

Wiemesmeer en Papendaal, 26 huizen samen, vormden de derde heerwagen van Zutendaal. Er is wel eens verteld geworden dat zij ook een schans hadden, maar daar onze archieven daar niets van aangeven, moet dit ontkend worden. Misschien hebben zij daar ergens een “droge” schans gehad tussen dichte heggen en braamstruiken. Wel zullen zij een soort “burgerwacht” gehad hebben, gelijk de andere herdgangen van Zutendaal, waarin alle weerbare mannen onder bevel van een kapitein, waren ingelijfd. Zulks hadden de prinsbisschoppen herhaaldelijk voorgeschreven. Maar al deze plaatselijke militaire inrichtingen waren te slecht gewapend en geoefend om lang stand te kunnen houden tegen de goed uitgeruste legerbenden. Na 1715 werd de Kempen weinig of niet meer verontrust en de schansen verloren hun beveiligingswaarde.

Uit: Schansen in Limburg

Versterkte Pastorie

De Norbertijnenpastoor had zijn toevluchtsplaats op de schans in de Daal. Reeds vele jaren vroeger hadden de Paters Norbertijnen ook de “graaf” aangelegd, want ze hadden veel vis nodig voor hun talrijke onthoudingsdagen. Er was in die tijd een dubbele graaf. De eerste liep rondom het pastorij gebouw, dat zich op dezelfde plaats bevond als nu. Pastoor Herthals liet voor de deur een ophaalbrug bouwen. De tweede graaf liep rond ‘t pastorijgoed, waar wij haar nu nog zien, uitgezonderd het stuk tegenover de jongensschool. Hier werd een hoge muur opgetrokken voorzien van 2 torentjes. Ook de tegenwoordige ingangsbrug met toren (1661) werd door pastoor Herthals gebouwd. Gezien het hier echter niet om een ‘buurtschans’ gaat maar om een versterkte pastorie, in eerste instantie bedoeld als toevlucht voor de pastoor, wordt deze versterking niet opgenomen in de inventaris als buurtschans, dit in afwijking met de dusdanige vermelding in de historische studie: Uit de geschiedenis van Zutendaal van T.Vandebeeck, 1980, waaruit de hier vermelde informatie werd over genomen.

Uit: Schansen in Limburg